www.jufjanneke.nl

0
GD Star Rating
loading...

Ik heb een geheim…

Janneke 19 januari 2013

Het thema van de kinderboekenweek 2007 was: sub rosa, boeken vol geheimen. Hieronder staan ideeën om het thema uit te werken als je het thema: geheimen wilt gaan doen.

Mogelijkheden

Hier een rijtje met mogelijkheden om uit te werken:

  • Dagboek van Anne Frank
  • Het kleine geheim van Pieter; Bettie Elias en Anne Westerduin, een boek over Pieter die wel eens in de broek plast. Dit boek is via bol.com, zie hieronder, alleen als tweedehandsboek te verkrijgen
  • Het geheim van het kleurenkoetje; Ron Schröder en Marianne Busser, boek over een koe dat een geheimpje met zich meedraagt, ze krijgt een kleintje. Dit boek is niet meer te koop.
  • Gedicht van Monique Hagen: Geheim uit: Misschien een olifant.
  • Piratenproject met aandacht voor schatten, schatkaarten en schatkisten, klik voor meer informatie op: piratenproject.
  • Jarig zijn en cadeautjes krijgen en niet weten wat je krijgt voor je verjaardag
  • Verliefd zijn maar niet willen zeggen op wie
  • Geheimen van de goochelaar; een goochelaar mag natuurlijk nooit de trucs verklappen
  • Geheim agent zijn
  • Geheime hut bouwen/verstoppen
  • Archeologie; geheimen in de grond
  • Pesten; vaak gaat dat heel stiekem. Geef een opdracht: Richt de anti-pestclub op. Hier worden natuurlijk geheime afspraken gemaakt om kinderen die gepest worden te helpen.
  • Leesproject; Laat de kinderen tijdens de Kinderboekenweek boeken lezen. Geef aan dat er voor het vinden van de code 30 boeken nodig zijn. Voor elk boek dat ze uit hebben, krijgen ze een cijfer. Geef elk kind hetzelfde cijfer voor het eerste boek. Dit is het begin van een code in geheimschrift. Zet op de dag van de afsluiting, 30 strepen op het bord en de cijfercode die de kinderen bij elkaar hebben gelezen Laat ze puzzelen welke letters er bij de cijfers horen. Er komt een zin uit: De sleutel van de kist ligt op de kast. Hiervoor zijn 30 cijfers nodig. Hoe meer de kinderen lezen hoe meer cijfers er beschikbaar zijn. Voor jongere kinderen kan gekozen worden om voor ieder boek een letter te verdienen waar dan een zin uitkomt. Reken maar dat ze gaan lezen. Als de kinderen de sleutel hebben, kan de schatkist open. Daarin zit natuurlijk een leuke verrassing: voor ieder kind een boekenlegger.

Doel

  • Geheimen in boeken ontrafelen
  • Leren dat geheimen spanning met zich meebrengen en daar mee om leren te gaan

Boeken

Speelgoed bij het thema

Materialen bij boeken
Het geheim van Erik Battut:

Foto’s van knutselopdrachten bij het boek:

  • Woorden met een a:Download hier de appels met woorden.
    Laat de appels zien met de woorden erin.
    Als ze denken te weten in welke plaatjes de a voorkomt, mogen ze in het antwoorden mandje kijken. Daarin zitten de echte voorwerpen met het naamkaartje erbij (samen in een zakje of washandje).
  • Woorden schrijven

Materialen bij een geheime brief:

Tijdens de Kinderboekenweek gaan wij het boek ‘De geheime brief’ van Eric Carle met de klas uitwerken.
We lezen elke dag een stukje in het boek. Elke dag zal het geheim van de brief verder ontrafeld worden. Op elke  bladzijde van het boek staat steeds een andere vorm centraal. De kinderen mogen deze vormen die dag knippen, plakken, tekenen, verven, stiften, vouwen of hoe dan ook.
We verzamelen de eigen gemaakte vormen in het boek van de bijlage. De laatste bladzijde van de bijlage wordt een uitgeprikte ‘brievenbus’ . Tot slot maken de kinderen op de laatste bladzijde, die ze door de brievenbus kunnen zien, hun eigen verrassing: wat hopen ze voor verrassing te krijgen als zij Tim zouden zijn?
 
Tips:
verven kan op de ‘Eric Carle-manier’: op zijn eigen officiële website laat hij zien hoe hij verft. Draaiboek de geheime brief van Erna Verbraak: draaiboek
Dunja de Boer stuurde een werkblad dat goed te gebruiken is bij dit boek

Onderzoek/uitstapjes

  • Het geheim van de klas: Iedereen krijgt om de beurt aan het eind van de dag een mooi doosje of kistje mee naar huis. Hierin mag het kind een geheimpje van thuis stoppen. De volgende dag mag het weer mee naar school en mag iedereen raden welk geheimpje het is. Wie het geraden heeft, mag de volgende keer een geheimpje in de doos of kist stoppen. Als dat kind al geweest is, mag deze iemand anders uitkiezen.
  • Geheimenkastje: zorg voor een leuk klein ladekastje en verstop er voor elke dag een geheimpje in: een briefje in geheimschrift, een schatkaart, een dagboek met een verhaaltje, een sleutel en een slot, een toverstafje, een hartje, een heel mooi klein doosje……
  • Speurtocht door de school of de wijk: Maak voor de groep een brief met geheimzinnige tekens. Elk groepje krijgt deze brief en gaat met een ouder op stap. Voorbeelden: Ga door de gele deur (de deur is op de brief getekend), loop naar het klimrek (het klimrek is op de brief getekend), volg de pijlen (teken de pijlen op de brief), wacht bij de rode ballon (teken de ballon op de brief). Bedenk bij elke ballon een boeken of een geheime activiteit b.v. verhaal voorlezen, voelen in de schatkist: wat zit erin?, spelletje: ra, ra, ra, wie heeft die bal. Aan het eind vindt elk groepje een mooie doos en die mag mee naar de klas. Wat zit er in?
  • Detectivespeurtocht van Gerry:
    Spelletjes totaal
    Brieven voor op de koffer en op de doos
    Diploma detective

    Beschrijving van de speurtocht:
Kinderen en ouders hebben een brief gehad waarin gevraagd werd om als speurneus verkleed op school te komen. Waarom?? Er is iets geheimzinnigs maar hoe en wat weten we nog niet.
Op de dag van de speurtocht: Kinderen komen samen in de speelzaal waar een koffer staat (in deze koffer zitten de diploma’s en de themaboeken van de kinderboekenweek).
Ik vertel dat de koffer op school is gekomen maar op slot zit en dat ik de code niet weet. Ik heb ook een brief gehad; deze lees ik voor: Daar staat in dat ik op zoek moet naar de code. Ik vraag hulp aan de kinderen.
Kinderen worden begeleid door ouders (gr 1-4 door elkaar) en gaan naar hun startopdracht (= het nummer van de groep)
Daarna vervolgen ze de route door de detectiveplaatjes te volgen. Komen ze een ? + nummer tegen dan is er een opdracht. Onderweg krijgt iedere groep een kaartje met een letter erop.
Weer terug op school staat er in de speelzaal een doos= machine= ratelblatelcodemachine.
Ook daar weer een brief.
We hebben al een soort code gekregen; die moeten we oplossen en in de machine stoppen. Dit doen we: de letters vormen het woord “geheimpjes”.
We stoppen de letters in de machine: deze begint te pruttelen, er klinkt geheime muziek en er komt een code uitgerold/ Dit is de code van de koffer. We openen de koffer en sluiten de ochtend af.

Aankleding van de klas en de school

Deze schatkist is natuurlijk een leuk, opvallend ding om de klas of de school mee te versieren. Misschien kun je de kinderen laten raden wat er in zit en aan het eind van het thema de schatkist openen om te kijken. Grotere kinderen kunnen opschrijven wat zij denken dat er in zit. Maak er een leuke wedstrijd van en aan het eind van het thema wordt de winnaar bekend gemaakt.

  • Hang een groot dagboek in de gang of in de klas neer en laat de kinderen een geheim opschrijven. Dit mag echt zijn of verzonnen. Inzendingen zonder naam mogen ook. Plak deze verhalen later in het dagboek.
  • Hang een hoepel in de klas en versier die met klimop en rozen. Kinderen kunnen zelf rozen van papier maken maar je kunt natuurlijk ook plastic rozen ophangen. Hang aan deze hoepel wc-rolletjes door aan de bovenkant van elk rolletje een touwtje vast te maken en deze aan de hoepel te hangen. Beplak de rolletjes met rozenpapier of schilder ze rood of roze. In elk rolletje kun je een geheimpje stoppen: een leuk versje, een geheimzinnige tekst, een verwijzing naar een boek, etc.
  • Maak een leuke leeshoek door met gordijnen een ruimte wat donkerder te maken, zet hier een vaas met rozen neer. Met een zaklamp wordt lezen een stuk geheimzinniger.
  • Kaft een boek met rozen-inpakpapier. Lees een stukje voor en laat de kinderen raden hoe het verhaal verder gaat.
  • Onze juf van de bibliotheek kwam met het volgende idee: Maak in elke klas een roos en hang daar mooi versierde wc-rolletjes bij. In elk wc-rolletje kan een kind een briefje stoppen met daarop een geheim. We beloven elkaar plechtig dat we elkaars geheimen niet zullen lezen, als we dat niet willen.
  • Kleed de school aan door op een podium een “geheime hut” te bouwen. Tijdens de opening kunnen alle kinderen van de school een lied zingen over de geheime hut.
    Kinderen kunnen verhalen/toneelstukjes bedenken over kinderen met een eigen hut .

Opening van het thema

Gesprek; Start het thema met een gesprek over geheimen. Begin als volgt: Neem een doosje mee en doe de deksel open zodat je zelf kan zien wat er in zit. Daarna doe je het deksel snel weer dicht. Natuurlijk worden de kinderen erg nieuwsgierig en willen weten wat erin zit. Dit wil je natuurlijk niet vertellen want het is een geheim. Wie kan vertellen wat dat is, een geheim? Wie heeft ook wel eens een geheim gehad? Kun je een geheim vertellen? Waarom is iets eerst een geheim en later niet meer? Stel veel open vragen zodat de kinderen nieuwsgierig worden en gaan vertellen over hun ervaringen.

Idee van Jeannet Heida:

Een leerkracht (geheimzinnig verkleed: b.v. ouderwetse regenjas, zwarte hoed……) komt binnen, met een bos rozen (voor elke groep 1 roos). Alle kinderen van de hele school zitten bij elkaar.
De geheimzinnige man/vrouw vertelt op geheimzinnige toon dat ie een geheim heeft. Sssssttttt! Niet verder vertellen hoor!
Hij vraagt vervolgens aan elke groep een geheimpje te bedenken, dit strikt geheim te houden tot het einde van de kinderboekenweek (dit geldt ook voor de meesters en juffen!!!).
Iedere groep krijgt een roos aangeboden van de “grote geheimzinnige”, met daarop de opdracht een geheim uit te werken en voor te bereiden.
Op de laatste dag van de kinderboekenweek worden alle geheimen gepresenteerd.
Dit kan zijn: een grapje, een zelfgemaakt handenarbeid-cadeautje voor elke groep, een toneelstukje, een verhaaltje voorlezen, een lied….etc. etc.

Kringspelletjes

  • Niet verklappen; Ga met de kinderen in de kring zitten. Geef een woord fluisterend door aan een kind, deze geeft het door aan de volgende en pas als het woord weer terug komt, mag verklapt worden om wel woord het gaat. Is het nog steeds hetzelfde woord?
  • Het geheim onder het kleedje; Leg verschillende voorwerpen onder een mooi kleedje. Haal het kleedje eraf en laat de kinderen kijken wat er ligt. Daarna gaat het kleed er weer overheen en mag een van de kinderen iets onder het kleedje wegpakken. Later gaat het kleedje er weer af en gaan de kinderen raden: Wat is er weg?
  • Wat zit er in?; Stop een klein voorwerp (boek, pen, wenskaart) in een kistje of een doos met een deksel. Leg hierover een doek. Eén kind mag onder het doek kijken, de anderen proberen te raden wat er onder het doek zit. Het kind mag alleen antwoorden met ‘ja’ of ‘nee’.

  • Ik heb een geheim; Leg enkele voorwerpen onder een doek. Kinderen voelen en raden wat eronder ligt. Hoe lang kun je geheim houden wat eronder ligt?

  • Ik teken een geheim; Maak een tekening van een geheim. Laat een ander kind vragen wat er op staat. Je mag alleen met ja of nee antwoorden. Na een paar vragen mag het kind zeggen dat er waarschijnlijk op staat. Kijk daarna of het klopt.

  • Ik zie, ik zie wat jij niet ziet; Door vragen te stellen, kan geraden worden wat een van de kinderen in de klas ziet

  • Kimspel; Leg in de kring een loep, papier, een kruis (in de vorm van de letter x), een schepje en een gouden munt neer. Laat de kinderen de voorwerpen eens goed bekijken en laat hen daarna de ogen sluiten. Haal daarna een van de voorwerpen uit de kring. De kinderen mogen de ogen weer openen; wat is er weg?

Opdrachten voor midden- en bovenbouw

  • Geheime opdrachten: Doe voor ieder kind een briefje in een geheim kistje. Op enkele briefjes staan ‘geheime opdrachten’ waar enkele kinderen drie weken mee aan de slag gaan. Denk aan opdrachten die te maken hebben met de kinderboekenweek: organiseer een boekenquiz, bedenk een klassenverhaal, bedenk een toneelstukje over: de geheime ring, etc.  Organiseer dit eventueel per bouw of groep. Alle andere briefjes zijn blanco. Niemand mag zijn briefje aan een ander laten zien. De kinderen met een ‘geheime opdracht’ zijn als het ware ‘geheime agenten’. Pas over drie weken wordt duidelijk wie ‘geheim agent’ was en om welke ‘geheime opdracht’ het ging.

Knutselopdrachten

  • Maak een tekening van een geheim. Plak er daarna van zwart papier de omtrek van een sleutelgat voor, zo lijkt het net alsof je stiekem door het sleutelgat kijkt. Hier een mal van een sleutelgat.
  • Maak een cadeau voor iemand met een geheim er in
  • Maak een kijkdoos, de inhoud is eerst geheim totdat je door het gat kijkt. Maak dit gat in de vorm van een sleutelgat
  • Maak een schatkist en leg er iets heel moois van jezelf in
  • Maak een schatkist van een doos. Elk kind mag daarna iets geheimzinnigs maken om in de schatkist te doen
  •   
    Dagboek gemaakt van een cup a soup doosje. Een prachtig slot eraan en het lijkt net echt.
    (Idee Franka Bol)
  • Geheimschrift: maak een tekening op wit papier met een wit wasco-krijtje. Je geheim wordt zichtbaar als je je tekening verft met ecoline.

  • Wat zit er achter het deurtje? Een geheim. De kinderen hebben hun geheim erachter getekend maar niemand mag het natuurlijk weten…..
  • Geheimschrift: schrijf met een dun kwastje en citroensap een geheime boodschap of geheime tekening. de boodschap wordt zichtbaar, als je het papier voorzichtig strijkt, of als je het papier opwarmt bij een gloeilamp. wel voorzichtig doen. Je kan je tekening met citroensap ook helemaal inkleuren met wasco. de structuur van het papier is net iets anders geworden door het citroensap, waardoor de wasco wat dikker op het citroensap blijft kleven. 
  • Rozen kleuren met wasco en ecoline of spatten met ecoline. Als je dan lijm over een aantal zwarte tekenlijnen smeert en daar rode en/of groene glitters op strooit, krijg je een heel mooi effect (Idee van Laura Brakhuis)
  • Konijn uit de hoed

Hoeken

De goochelhoek; Leg in deze hoek allemaal goochelattributen neer en laat de kinderen oefenen met goocheltrucs. Later kunnen ze in de kring hun goochelkunsten vertonen maar hier natuurlijk niet over praten want dat is: geheim

Een geheime hut; Zet een grote tafel in een hoek in de klas en laat de kinderen allerlei kleden meenemen. Hiermee kunnen ze de hut verder afmaken. Natuurlijk mag de leerkracht niet in de geheime hut komen………

Een schattenhoek; Laat de kinderen mooie dingen meenemen en leg hier een verzameling van aan. Ook mooie doosjes horen hierbij. Daarna een rekenles, wat past wel en wat niet in deze doos?

Schathoek; Maak een schathoek met allerlei spullen die je kunt gebruiken wanneer je een schat gaat zoeken: een vergrootglas, een schatkaart, een schep, een zaklamp. Laat de kinderen allerlei schatten maken en in een schatkist stoppen. Laat ze zelf een schatkaart maken.

Geheime tent; Een tentje in je klas neer zetten met een groot zwart kleed eroverheen (b.v. een laken). In de tent is het dan donker. Boeken worden erin gezet. Ook evt. slaapzakken en kleden. De kinderen kunnen lezen met een zaklamp. Héél geheimzinnig als je het mij vraagt. Idee van Fenny van Gastel.

Geheime hoek;  In een hoek staat op tafel een grote kartonnen doos met vakjes (van verkoop video’s bij de super). Hierin heb ik allerlei geheime doosjes gedaan. Hierin zitten allemaal geheime spulletjes die onze handpop Nikkie heeft verzameld. Achter een gordijn mogen de kinderen deze geheime spulletjes bekijken. In de doosjes zitten bijv. een tolletje, kettinkje, doolhofspelletje met balletje, lavendel, zeepje, plastic insecten, maiskolf, magneetspelletje, e.d.

Om in de geheime hoek te komen moeten ze een geheime toegangskaart geven (kaartje met hun naam waarop ze zelf een geheime code hebben getekend.) Idee van Erna Visschedijk

 

 

Een themahoek: Over een tafel was een doek gespannen zodat het heel donker was onder de tafel. Hieronder stond een oude koffer met daarin allemaal verschillende doosjes met voorwerpen erin. Twee kleuters mochten met een klein zaklampje onder de tafel de geheimpjes gaan bekijken, maar aan niemand vertellen wat ze gezien hadden!

Wat moet er aan de orde komen?

  • Wat is een geheim?
  • Wanneer heb je een geheim?
  • Aan wie zou je een geheimpje wel willen vertellen?
  • Zijn geheimen leuk of niet?
  • Hoe voelt het om een geheim te hebben?

Opbouw van het project

Spel en beweging

Spel voor buiten met de kinderen: Verstoppertje spelen

Hutten bouwen in het speellokaal of op het plein. Wie maakt de mooiste geheime hut?

Idee van Laura Brakhuis:
bij ons op school gaan we de speelzaal omtoveren in een verstopzaal. Er worden allemaal materialen neergezet waar kinderen zich achter, onder, in, enz. kunnen verstoppen.

Spelletjes

  • Ra, ra, ra wie heeft die bal; ra, ra, ra, wie heeft die bal, die mooie bal van goud
  • Diamantenroof; Tikspel; Een van de kinderen zit op een mat met de rug naar de kinderen toe. Achter het kind liggen verschillende blokjes. Andere kinderen mogen vanuit een vak, heel zacht naar de mat lopen en een blokje proberen te pakken. De bewaker mag, als hij iets hoort, snel opstaan en de dief proberen te tikken. Is de dief terug in het vak dan mag deze niet meer getikt worden.

Links

Muziek

Versje Willem Wilmink:

EEN GROOT GEHEIM

‘k heb een stukje touw gevonden,

heb het in een doek gewonden,

en begraven bij een steen.

niemand weet het.

ik alleen

In kleuterwijs staan twee leuke liedjes over een geheimpje:

  • blz 29; Kan je raden
  • blz 41;Geheimpje

Op de site van meester Bart staat het volgende lied dat hij heeft gemaakt en bijbehorende lesideeën:

Via de onderstaande link kun je een liedje en MP3 downloaden over: de geheime hut:

Knijpkaarten

Materialen

  • Geheimschriftwerkblad voor midden- en bovenbouw
  • Etiketten streng geheim; etiketten ‘streng geheim’: Elke kleuter kreeg een luciferdoosje met hierop een etiket met ‘streng geheim’ op, dit is het afdrukblad om af te drukken op etiketpapier. Op het doosje plakken en het is een geheimendoosje dat de kleuters de volgende dag mee terug moesten brengen met daarin een geheimpje…Leuk om te raden van wie het geheimendoosje is! Ook leuk is om te laten raden wat er in zit door middel van vragen stellen.
  • Sleutels: Deze sleutels kun je laten inkleuren en dan verschillende spelletjes ermee doen: hoeveel sleutels liggen er achter je, kleuren herkennen, leg de groene sleutel neer op de vensterbank etc.

Taal

Woordenschat

Kinderboekenweek, de gouden griffel, de gouden penseel, het geheim, de boeken, de letters, de woorden, de zinnen, de bladzijde, de volgorde, de schat, de schatkaart, de kluis, de tekens, het geheimschrift, het cadeau, het slot, de sleutel.

Op de volgende link staat een digitaal prentenboek over geheimen: De koning met de paardenoren

Rekenen/wiskunde

Ingrid v.d. Meulen stuurde een werkblad geheimschrift voor groep 4:

Bedankt

Deze pagina is mede tot stand gekomen door bijdragen van: Margriet van Laar, Lieselot Cottyn, Jeannet Heida, Annemieke Kling, Laura Brakhuis, Marleen Pel, Bea Niphuis, Margriet Buter, Dieneke Snippe, Erna Visschedijk, Hilda luth, Dunja de Boer, Gerry, Erna Verbraak, Ingrid v.d. Meulen, juf Anneleen en Franka Bol.

GD Star Rating
loading...

Login to your account

Can't remember your Password ?

Register for this site!