|
|
||
|
abc muur - alfabetdownloads - auditieve oefeningen - boek van de week - boek van de maand - boeken over letters - boeken over rijmen en dichten - luisterboeken en spelletjes over letters - CD roms over leren lezen/letters - Engels met kleuters - kralenplanken van alle letters - leesmotivatie - letters - letterdiploma - lettermap - letterhoektips - lezen met kleuters - liedjes over letters - PowerPoint: taaloefeningen - schrijfhoek - taalkastje/taalboek - taalspelletjes - tussen d'oortjes - tussendoelen beginnende geletterdheid - verteltafel - wat kun je nog meer met letters - woorden natypen op de computer - woordenschatkaarten
Taal is erg belangrijk. Op verschillende manieren
breng ik de kinderen in aanraking met taal. Natuurlijk in de vorm van
boeken en verhalen maar ook door gesprekken, verhaaltjes raden,
poppenkast, raadsels, rijmen, taalspelletjes, luisterspelletjes, etc. Je ziet het in veel groepen en op veel verschillende manieren, de ABC muur. Er zijn veel mogelijkheden en activiteiten om te doen bij de ABC muur. Op deze pagina wil ik verschillende mogelijkheden laten zien.
Margriet van Laar stuurde een foto van haar ABC muur. Deze is gebaseerd op de methode Schatkist. Bij Uitgeverij Zwijssen, kun je een uitgebreide lettermuur bestellen. Margriet maakt zelf kaarten en laat de kinderen kaarten maken met woorden die beginnen met dezelfde letter.
Leuke downloads van de site: www.childcareland.com om het alfabet in de klas op te hangen en een spelletje: zoek de bijpassende letter Alfabettrein Tijdens elk thema doe ik in de klas auditieve
oefeningen met behulp van het taalkastje: zie
hieronder. Auditieve vaardigheden zijn een onmisbare schakel in het
leren lezen. In groep 1 is het belangrijk dat kinderen leren: luisteren,
zinnen en woorden na kunnen zeggen, kunnen rijmen en klankgroepen kunnen
onderscheiden. In groep 2 leren kinderen het isoleren van klanken,
synthese en analyse van klanken en het manipuleren van klanken. Ook
wordt dan de letterkennis een belangrijk onderdeel: aanwijzen, benoemen,
letters in woorden herkennen en letters schrijven. Natuurlijk is het
belangrijk om niet alles precies te scheiden in groep 1 en in groep 2
maar in die periodes zullen de kinderen daar aan toe zijn. Ik begin elke
dag met het openen van een la met daarin een figuur die verantwoordelijk
is voor een onderdeel van de auditieve vaardigheden. Aan het eind van
een thema zijn ongeveer alle onderdelen aan bod geweest. Zo krijgen de
kinderen een gevarieerd aanbod in auditieve vaardigheden en zit er voor
mij als leerkracht een duidelijk systeem in. De auditieve vaardigheden
kun je vinden bij vrijwel elk thema helemaal onderaan bij het onderdeel
taal. Om te checken of de kinderen de oefeningen onder de knie hebben,
is een checklist gemaakt: We beginnen in de klas elke ochtend met een half uurtje aandacht voor het lezen. In onze klas beginnen we op maandag met het boek van de week. Van dat boek laat ik de voorkant zien, waarna de kinderen mogen raden waarover het boek gaat. Daarna lees ik het boek voor aan de klas en hebben we er een gesprekje over. De rest van de week doen we allerlei activiteiten met het boek: naspelen/uitspelen, zelf een boek maken, vertellen bij een van de platen uit het boek, interactief voorlezen, praatmand: voorwerpen in een mand die bij het boek passen en daar gesprekken over voeren, kinderen het boek zelf laten voorlezen of een verteltafel maken bij het boek. Waarom doen we dat? Op die manier bied ik structuur in het aanbieden van een boek en komt het regelmatiger aan bod en dat is belangrijk want kinderen houden van herhaling en leren daar veel van doordat ze het verhaal beter leren kennen, beter leren zich te verwoorden door het verhaal na te vertellen en daardoor een beter taalgevoel krijgen.
Voor het boek van de week heb ik kaartjes gemaakt. Die hangen op een a3 papier en daar maken we aantekeningen op, over het boek. Zo weten de ouders welk boek aan de beurt is en doordat ik de a3 papieren bewaar tijdens het project, weet ik welke boeken aan bod zijn geweest en welke de kinderen leuk of minder leuk vonden. De kaartjes waarmee de kinderen hun mening kunnen geven, heb ik gelamineerd. Dit hang ik op en zet het boek erbij neer. Ook een paar attributen die bij het verhaal passen, zet ik erbij. Ik heb een aparte pagina, waar ik elke maand een boek van de maand promoot. Dat is een boek dat in de klas goed te gebruiken is of wat over een thema gaat waar in de groep aandacht aan geschonken wordt. Pagina: boek van de maand
Voor kinderen is het een echte uitdaging om naast
de Nederlandse taal ook Engels te leren. Ik doe dat in de klas door
middel van de CD: Children's Songs van Jingo.
Op welke wijze kun je kinderen motiveren om te lezen? Hier zijn allerlei mogelijkheden voor. Een aantal worden op deze pagina besproken.
Wat kun je verder doen met het voorlezen?
Hier kun je een letteralfabet downloaden om te gebruiken in de klas. Het is de bedoeling dat de kinderen dezelfde letters bij elkaar zoeken. Letterkaartjes om te gebruiken bij het aanleren van letters en spelletjes met letters Als je veel bezig bent met letters, kennen de kinderen al snel een aantal. Hier kun je een letterdiploma downloaden om aan de kinderen te geven.
Klik
hier voor een
letterdiploma van Zwijssen Ina Schild maakte de volgende kralenplanken. Klik op de letters om ze te downloaden: Margriet Holterman stuurde een foto van haar letterhoek.
Er hangen bakjes met letters waar woordkaartjes ingestopt kunnen worden met dezelfde beginletter. Een heel leuk idee! Voor elke letter is er een bakje. In dat bakje komen de woorden die kinderen zelf bedacht hebben en die met die letter beginnen. De bedoeling van die bakjes is, dat kinderen de woorden overschrijven en ophangen op de ABC-muur. Bij de woorden die in die bakjes zitten staat een kleine picto zodat kinderen 'lezen' wat er staat
Christel Philtjens mailde me haar letterboom. Elke week leert ze met handpop Ziggy letters aan. De kinderen mogen bij de beginklank woorden maken en letters in de boom plakken van woorden die met het seizoen te maken hebben.
Dit is de handpop en het flapblok (HEMA) dat ook bij elke letter wordt gebruikt.
Van de letters die ze kennen worden woordkaarten in de klas opgehangen. Ter controle wordt een letterblad gemaakt.
Het is handig om in de letterhoek een lettermap te
leggen met allemaal werkbladen over letters. Kinderen kunnen die dan
zelf pakken en maken.
Elke dag begin ik in de klas met tien minuten "lezen". Alle kinderen die de klas binnenkomen, pakken een boekje en gaan dat op hun stoel bekijken. De boeken staan in drie bakken in het midden van de kring. Vaak is er een bak met boeken over het thema en het seizoen, er kan een bak met stripbladen zijn, een bak met leesboekjes, een bak met gewone boeken. Mogelijkheden genoeg. Aan het eind van het leesmoment worden de boeken opgeruimd en vraag ik of er iemand wil voorlezen. Kinderen die al wat ouder zijn, lezen echt voor uit een boek. Wat jongere kinderen zien de plaatjes en vertellen er hele verhalen bij. Een leuke tip zijn de volgende boekjes:
Dit zijn eenvoudige boekjes met veel plaatjes en eenvoudige woorden die kinderen snel kunnen lezen. Het zijn samen-leesboekjes doordat er gekleurde en dik gedrukte woorden in staan. Deze kunnen kinderen al snel herkennen en dus zelf lezen. Deze boeken mogen eigenlijk niet ontbreken in een bak met boeken voor de kinderen. Wat doe je met kleuters die al kunnen lezen? Met kinderen die echt al kunnen lezen doe ik de volgende activiteiten:
Van Roelie van der Meer kreeg ik een leuke PowerPoint miniloco oefening. Het is geschikt voor groep 2 en groep 3. De kinderen kunnen dit online maken. Het geluid moet wel aan voor de uitleg. Klik hier voor de PowerPoint taaloefeningen.
In de klas heb ik een schrijfhoek gemaakt. In deze
hoek heb ik twee bakken met pennen en potloden liggen: grote en kleine
pennen, glimmende pennen, glitterpennen, potloden met een punt waar meer
kleuren uitkomen, etc.
In de taalkast zitten voorwerpen waaraan
verschillende taaloefeningen zijn gekoppeld: ko klapper: tellen woorden
in zinnen en woordstukjes, ria rijm:
voor rijmoefeningen, henk hak en piet plak: hakken en plakken, woordrups: begin en
eindletters, Pipa Papegaai: voor luisterspelletjes: nazeggen
zinnen, lange slang: lange en korte woorden herkennen, voorwerp passend
bij het thema: raadsels, wel of niet goed, etc. vingerpopjes voor het geven van een voorstelling in het
theatertje erboven, grote lade waar het boek van de week uitkomt en waar
bladen in liggen met auditieve oefeningen erop.
Om een map is een pluchen hoes gemaakt. Hierop zijn acht zakjes gestikt. In elk zakje zitten voorwerpen/poppen die voor een onderdeel staan:
In het boek zitten de auditieve oefeningen die gebruikt kunnen worden.
Dit is een groot succes. Ik lees elke dinsdagmiddag als ik alleen groep 2 heb, een verhaal voor uit een boek met allemaal leuke, korte verhaaltjes. Ik begin dan met het lezen van de titel van het verhaal en doe het boek dicht. Een voorbeeld is: voetballen. De kinderen mogen zelf bedenken waar het verhaal over gaat.... altijd heel spannend om te zien of het uiteindelijk klopt.
Wat zit er in? De kinderen hebben ieder een doosje gekregen. Daar moesten ze stiekem iets indoen wat in de klas te vinden is. Daarna moest het doosje op de goede volgorde op de stapel neergezet worden. In de kring kreeg iedereen daarna om de beurt zijn doosje terug en moest voor de anderen beschrijven wat er in zat zonder het voorwerp zelf te noemen. De andere kinderen gingen daarna raden. Het is goed om zelf als eerste te beginnen dan weten de kinderen wat de bedoeling is. Ze vinden het prachtig!
Dit is een zak met speelgoed. Daar mee doe ik
auditieve oefeningen: analyse en synthese. Eerst bespreek je de
voorwerpen. Dan leg je ze in de kring en je zegt: breng mij de p-a-n.
Of een kind zegt het.
Ook kun je alle kinderen een voorwerp in de hand
geven en vragen: Wie heeft de z-aa-g?
Een verzameling 10 minutenspelletjes op taal en tellengebied: tussen d'oortjes
Het is altijd belangrijk om in de gaten te houden of alle tussendoelen aan de orde zijn geweest en of de kinderen ze beheersen. Daarom staan hier de tussendoelen op een rij. Tussendoelen beginnende geletterdheid De verteltafel is een belangrijk onderdeel van de taalontwikkeling. De kinderen leren om een verhaal na te spelen en dezelfde woorden te gebruiken. Om een verteltafel goed te gebruiken, is het belangrijk dat je eerst het verhaal een aantal keren voorleest. Neem hier gerust een week voor. Daarna ga je bepreken wat er allemaal nodig is om de verteltafel te maken. Maak samen met de kinderen een lijst en ga verzamelen en knutselen om alles te krijgen wat nodig is. Als alles aanwezig is, kun je samen met de kinderen de verteltafel inrichten en samen het verhaal uitspelen. Doe dit de eerste paar keer met de kinderen samen voordat ze zelf aan de slag gaan. Blijf wel geregeld meedoen met het spel om de verhaallijn goed te houden en om kinderen te blijven motiveren. Doelen:
Aandachtspunten:
Laat de kinderen het verhaal en het spel veel herhalen. Laat aan het einde van de dag voorstellingen geven om de kinderen te stimuleren en anderen te leren hoe het kan. Hier kun je een checklijst vinden om kinderen te observeren tijdens het spel bij de verteltafel: checklist verteltafel. Foto's van verteltafels:
Anneke van Hevele mailde mij een kaart, die bij de computer opgehangen kan worden. Hierop staan de letters zoals ze op de computer staan en de schrijf/blokletters waarmee de meeste woorden zijn geschreven. Als kinderen woorden willen natypen, kunnen ze op de kaart kijken naar de letter die ze zoeken. Handig dus! Download hier de letterkaart voor bij de computer Bij zowel de Cito als het toetspakket beginnende geletterdheid is woordenschat een belangrijk item. Er zijn nogal wat kinderen die veel woorden die daar genoemd worden nog niet eerder hebben gehoord. Om in ieder geval te zorgen dat de kinderen weten wat de woorden inhouden, heb ik woordenschatkaarten gemaakt. Op verzoek hebben de kaarten een gekeurde rand zodat ze afwijken van de andere woordenschatkaarten en je ze makkelijker bij elkaar kunt houden. Woordenschatkaarten toetspakket beginnende geletterdheid:
|