|
|
||
|
Hier kun je een ontwerpschema vinden met alle kernactiviteiten erop. De beschrijving staat hieronder bij de diverse onderdelen van het thema
Gebruik het volgende versje als opening:
IK pak het en ik heb het niet. Ik kruip erin weg en je ziet me nog. Mijn bootje drijft erop en het gaat niet onder. Ik schep het in mijn emmer en giet het weg. Waar blijft het? Ik trap er dwars doorheen en het gaat niet stuk… EN HET MAAKT ME LEKKER NAT!
Wat is dat? Je kunt tijdens een regenbui even naar buiten gaan en water voelen dat uit de lucht komt. Even lekker springen in de plassen. Kun je water pakken? Hoe zou je dat wel kunnen doen? Geef elk kind een waterdruppel van karton. Iedereen mag op de waterdruppel tekenen waarvoor je water kunt gebruiken. Na deze opdracht komen de kinderen weer in de kring en bespreken in tweetallen hun tekening. Daarna vindt er terugkoppeling plaats in de grote kring. Maak een woordveld over water.
Ieder kind moest iets anders bedenken en dat is heel goed gelukt.
Inleiding van de gymles: We gaan naar het zwembad, we pakken de zwemtas in; wat nemen we mee? We doen de tas op de rug en stappen op de fiets, we fietsen over bochtige weggetjes en over een voetpad. Daar moeten we lopen met de fiets aan onze hand. We zijn er, we zetten de fiets goed op slot en kopen een kaartje. In het badhokje omkleden en dan lopen naar het zwembad. Joepie lekker zwemmen, lopen door het zwembad gaat heel langzaam, we doen de borstcrawl. Even zonnebaden op het veldje. Ach wat jammer het gaat regenen, snel inpakken, omkleden, paraplu op, rennen naar de fiets, snel fietsen naar huis, fiets snel in het schuurtje en dan.......lekker uitrusten!
Gymles:
Spelles:
Als het mooi weer is, kun je heel goed een waterestafette doen
met de kinderen. Zet daarvoor twee lege emmers neer aan de ene kant
en twee vol met water en plastic bekers aan de andere kant. Verdeel
de klas in twee groepen. Bij elke volle emmer gaat een groepje
staan. De eerste kinderen vullen een bekertje en rennen daarmee naar
de lege emmer. Ze gieten de beker daarin leeg en rennen terug naar
hun groepje. Ze geven de beker aan de volgende in de rij en sluiten
achteraan. Welke groep heeft het eerst de emmer vol? Maak een waterorgel door allemaal dezelfde flessen te vullen met water op verschillende hoogtes. Tik er met een stokje op en de kinderen zullen ontdekken dat er verschillende tonen klinken.
Uit het grote liedjesboek:
Uit het grote versjesboek:
Uit Kleuterwijs:
Opzegversje: WATER
IK pak het en ik heb het niet. Ik kruip erin weg en je ziet me nog. Mijn bootje drijft erop en het gaat niet onder. Ik schep het in mijn emmer en giet het weg. Waar blijft het? Ik trap er dwars doorheen en het gaat niet stuk… EN HET MAAKT ME LEKKER NAT! Wat is dat?
Knijpkaarten is zelfcorrigerend materiaal. Print de knijpkaarten uit. Plak de antwoorden op de achterkant van de opdrachten en lamineer de knijpkaart. Zoek vervolgens wasknijpers in de kleuren van de vierkanten en leg deze klaar voor de kinderen. Daarna moeten de kinderen de wasknijper pakken in de kleur van het eerste vierkant linksboven. Ze zoeken het antwoord erbij en knijpen aan de rechterkant de wasknijper vast. Zo maken ze de zes opdrachten. Daarna mag de kaart omgedraaid worden en kunnen de kinderen zelf controleren of de wasknijpers op de goede plek zitten.
Woordenschat water - waterdruppel - waterstraal - waterplas - kraan - douche - bad - schuim - drinken - flesje - eten koken - wassen - tanden poetsen - schoonmaken - dweilen - afwassen - kleren wassen - wasmachine - planten - watergieter - watersproeier - wc - handen wassen - doorspoelen - riool - riolering - waterzuivering - regen - vijver - viskom - dieren drinken water - zwemmen - zwemles - droog - nat - schoon - vies - vol - leeg - drijven - zinken - warm - lauw - koud - spetteren - emmer - vullen - legen
We werken toe naar het beheren van een schoonmaakbedrijfje in de klas. De kinderen krijgen opdrachten om iets op school of buiten de school schoon te maken en gaan deze opdracht doen. Als tegenprestatie krijgen ze, per groep, een sticker op een stickervel. Hebben ze er tien dan zijn ze klaar.
Deze pagina werd mede mogelijk gemaakt door bijdragen van: Margriet van Laar, Lieselot Cottyn, Ina Schild, Nancy de Waele, Annie Renkema, Lily de Wilde en Annemarie Mensink. |