Het thema van de kinderboekenweek 2007
was: sub rosa, boeken vol geheimen. Hieronder staan ideeën om het thema
uit te werken als je het thema: geheimen wilt gaan doen.
Mogelijkheden
Hier een rijtje met mogelijkheden om uit te werken:
Dagboek van Anne Frank
Het kleine geheim van Pieter;
Bettie Elias en Anne Westerduin, een boek over Pieter die wel eens
in de broek plast. Dit boek is via bol.com, zie hieronder, alleen
als tweedehandsboek te verkrijgen
Het geheim van het kleurenkoetje;
Ron Schröder en Marianne Busser, boek over een koe dat een geheimpje
met zich meedraagt, ze krijgt een kleintje. Dit boek is niet meer te
koop.
Gedicht van Monique Hagen: Geheim
uit: Misschien een olifant.
Piratenproject met aandacht voor
schatten, schatkaarten en schatkisten, klik voor meer informatie op:
piratenproject.
Jarig zijn en cadeautjes krijgen
en niet weten wat je
krijgt voor je verjaardag
Verliefd zijn maar niet willen
zeggen op wie
Geheimen van de goochelaar; een
goochelaar mag natuurlijk nooit de trucs verklappen
Geheim agent zijn
Geheime hut bouwen/verstoppen
Archeologie; geheimen in de grond
Pesten; vaak gaat dat heel
stiekem. Geef een opdracht: Richt de anti-pestclub op. Hier worden
natuurlijk geheime afspraken gemaakt om kinderen die gepest worden
te helpen.
Leesproject; Laat de kinderen
tijdens de Kinderboekenweek boeken lezen. Geef aan dat er voor het
vinden van de
code 30 boeken nodig zijn. Voor elk boek dat ze uit hebben, krijgen
ze een cijfer. Geef elk kind hetzelfde cijfer voor het eerste boek. Dit is het begin van een code in geheimschrift. Zet
op de dag van de afsluiting, 30 strepen op het bord en de cijfercode die de kinderen bij elkaar
hebben gelezen Laat ze puzzelen welke letters er bij
de cijfers horen. Er komt een zin uit: De sleutel van de kist ligt
op de kast. Hiervoor zijn 30 cijfers nodig. Hoe meer de kinderen
lezen hoe meer cijfers er beschikbaar zijn. Voor jongere kinderen
kan gekozen worden om voor ieder boek een letter te verdienen waar
dan een zin uitkomt. Reken maar dat ze gaan lezen. Als de kinderen
de sleutel hebben, kan de schatkist open. Daarin zit natuurlijk een
leuke verrassing: voor ieder kind een boekenlegger.
Doel
Geheimen in boeken ontrafelen
Leren dat geheimen spanning met
zich meebrengen en daar mee om leren te gaan
Woorden met een a:Download
hier de appels met woorden.
Laat de appels zien met de woorden erin.
Als ze denken te
weten in welke plaatjes de a voorkomt, mogen ze in het antwoorden
mandje kijken. Daarin zitten de echte voorwerpen met het naamkaartje
erbij (samen in een zakje of washandje).
Tijdens de Kinderboekenweek gaan wij
het boek 'De geheime brief' van Eric Carle met de klas uitwerken.
We lezen elke dag een stukje in het
boek. Elke dag zal het geheim van de brief verder ontrafeld worden.
Op elke bladzijde van het boek staat
steeds een andere vorm centraal. De kinderen mogen deze vormen die
dag knippen, plakken, tekenen, verven, stiften, vouwen of hoe dan
ook.
We verzamelen de eigen gemaakte vormen
in het boek van de bijlage. De laatste bladzijde van de bijlage
wordt een uitgeprikte 'brievenbus' . Tot slot maken de kinderen op
de laatste bladzijde, die ze door de brievenbus kunnen zien, hun
eigen verrassing: wat hopen ze voor verrassing te krijgen als zij
Tim zouden zijn?
Tips:
verven kan op de 'Eric Carle-manier':op zijn eigen officiële website laat hij zien hoe hij verft.
Draaiboek de geheime brief van Erna
Verbraak:
draaiboek
Dunja de Boer stuurde een werkblad
dat goed te gebruiken is bij dit boek
Het geheim van de klas: Iedereen
krijgt om de beurt aan het eind van de dag een mooi doosje of kistje mee naar huis. Hierin mag
het kind een geheimpje van thuis stoppen. De volgende dag mag het
weer mee naar school en mag iedereen raden welk geheimpje het is.
Wie het geraden heeft, mag de volgende keer een geheimpje in de doos
of kist stoppen. Als dat kind al geweest is, mag deze iemand anders
uitkiezen.
Geheimenkastje: zorg voor een
leuk klein ladekastje en verstop er voor elke dag een geheimpje in:
een briefje in geheimschrift, een schatkaart, een dagboek met een
verhaaltje, een sleutel en een slot, een toverstafje, een hartje, een heel mooi klein doosje......
Speurtocht door de school of de wijk:
Maak voor de groep een brief met geheimzinnige tekens. Elk groepje
krijgt deze brief en gaat met een ouder op stap. Voorbeelden: Ga
door de gele deur (de deur is op de brief getekend), loop naar het
klimrek (het klimrek is op de brief getekend), volg de pijlen (teken
de pijlen op de brief), wacht bij de rode ballon (teken de ballon op
de brief). Bedenk bij elke ballon een boeken of een geheime
activiteit b.v. verhaal voorlezen, voelen in de schatkist: wat zit
erin?, spelletje: ra, ra, ra, wie heeft die bal. Aan het eind vindt
elk groepje een mooie doos en die mag mee naar de klas. Wat zit er
in?
Kinderen en ouders hebben een brief
gehad waarin gevraagd werd om als speurneus verkleed op school te
komen. Waarom?? Er is iets geheimzinnigs maar hoe en wat weten we nog
niet.
Op de dag van de speurtocht: Kinderen
komen samen in de speelzaal waar een koffer staat (in deze koffer
zitten de diploma's en de themaboeken van de kinderboekenweek).
Ik vertel dat de koffer op school is
gekomen maar op slot zit en dat ik de code niet weet. Ik heb ook een
brief gehad; deze lees ik voor: Daar staat in dat ik op zoek moet
naar de code. Ik vraag hulp aan de kinderen.
Kinderen worden begeleid door ouders (gr
1-4 door elkaar) en gaan naar hun startopdracht (= het nummer van de
groep)
Daarna vervolgen ze de route door de
detectiveplaatjes te volgen. Komen ze een ? + nummer tegen dan is er
een opdracht. Onderweg krijgt iedere groep een kaartje met een
letter erop.
Weer terug op school staat er in de speelzaal een doos= machine=
ratelblatelcodemachine.
Ook daar weer een brief.
We hebben al een soort code gekregen; die moeten we oplossen en in
de machine stoppen. Dit doen we: de letters vormen het woord
"geheimpjes".
We stoppen de letters in de machine: deze begint te pruttelen, er
klinkt geheime muziek en er komt een code uitgerold/ Dit is de code
van de koffer. We openen de koffer en sluiten de ochtend af.
Deze schatkist is natuurlijk een
leuk, opvallend ding om de klas of de school mee te versieren.
Misschien kun je de kinderen laten raden wat er in zit en aan het
eind van het thema de schatkist openen om te kijken. Grotere
kinderen kunnen opschrijven wat zij denken dat er in zit. Maak er
een leuke wedstrijd van en aan het eind van het thema wordt de
winnaar bekend gemaakt.
Hang een groot dagboek in de
gang of in de klas neer en laat de kinderen een geheim
opschrijven. Dit mag echt zijn of verzonnen. Inzendingen zonder
naam mogen ook. Plak deze verhalen later in het dagboek.
Hang een hoepel in de klas en
versier die met klimop en rozen. Kinderen kunnen zelf rozen van
papier maken maar je kunt natuurlijk ook plastic rozen ophangen.
Hang aan deze hoepel wc-rolletjes door aan de bovenkant van elk
rolletje een touwtje vast te maken en deze aan de hoepel te
hangen. Beplak de rolletjes met rozenpapier of schilder ze rood
of roze. In elk rolletje kun je een geheimpje stoppen: een leuk
versje, een geheimzinnige tekst, een verwijzing naar een boek,
etc.
Maak een leuke leeshoek door
met gordijnen een ruimte wat donkerder te maken, zet hier een
vaas met rozen neer. Met een zaklamp wordt lezen een stuk
geheimzinniger.
Kaft een boek met
rozen-inpakpapier. Lees een stukje voor en laat de kinderen
raden hoe het verhaal verder gaat.
Onze juf van de bibliotheek
kwam met het volgende idee: Maak in elke klas een roos en hang
daar mooi versierde wc-rolletjes bij. In elk wc-rolletje kan een
kind een briefje stoppen met daarop een geheim. We beloven
elkaar plechtig dat we elkaars geheimen niet zullen lezen, als
we dat niet willen.
Kleed de school aan door op
een podium een "geheime hut" te bouwen. Tijdens de opening
kunnen alle kinderen van de school een lied zingen over de
geheime hut.
Kinderen kunnen
verhalen/toneelstukjes bedenken over kinderen met een eigen
hut .
Opening
van het thema
Gesprek; Start het thema met een
gesprek over geheimen. Begin als volgt: Neem een doosje mee en doe de
deksel open zodat je zelf kan zien wat er in zit. Daarna doe je het
deksel snel weer dicht. Natuurlijk worden de kinderen erg nieuwsgierig
en willen weten wat erin zit. Dit wil je natuurlijk niet vertellen want
het is een geheim. Wie kan vertellen wat dat is, een geheim? Wie heeft
ook wel eens een geheim gehad? Kun je een geheim vertellen? Waarom is
iets eerst een geheim en later niet meer? Stel veel open vragen zodat de
kinderen nieuwsgierig worden en gaan vertellen over hun ervaringen.
Idee van Jeannet Heida:
Een leerkracht (geheimzinnig
verkleed: b.v. ouderwetse regenjas, zwarte hoed......) komt
binnen, met een bos rozen (voor elke groep 1 roos). Alle
kinderen van de hele school zitten bij elkaar.
De geheimzinnige man/vrouw
vertelt op geheimzinnige toon dat ie een geheim heeft.
Sssssttttt! Niet verder vertellen hoor!
Hij vraagt vervolgens aan elke
groep een geheimpje te bedenken, dit strikt geheim te houden
tot het einde van de kinderboekenweek (dit geldt ook voor de
meesters en juffen!!!).
Iedere groep krijgt een roos
aangeboden van de "grote geheimzinnige", met daarop de
opdracht een geheim uit te werken en voor te bereiden.
Op de laatste dag van de
kinderboekenweek worden alle geheimen gepresenteerd.
Dit kan zijn: een grapje, een
zelfgemaakt handenarbeid-cadeautje voor elke groep, een
toneelstukje, een verhaaltje voorlezen, een lied....etc.
etc.
Kringspelletjes
Niet verklappen; Ga met de
kinderen in de kring zitten. Geef een woord fluisterend door aan een
kind, deze geeft het door aan de volgende en pas als het woord weer
terug komt, mag verklapt worden om wel woord het gaat. Is het nog
steeds hetzelfde woord?
Het geheim onder het kleedje;
Leg verschillende voorwerpen onder een mooi kleedje. Haal het
kleedje eraf en laat de kinderen kijken wat er ligt. Daarna gaat het
kleed er weer overheen en mag een van de kinderen iets onder het
kleedje wegpakken. Later gaat het kleedje er weer af en gaan de
kinderen raden: Wat is er weg?
Wat zit er in?; Stop een klein
voorwerp (boek, pen, wenskaart) in een kistje of een doos met een
deksel. Leg hierover een doek. Eén kind mag onder het doek kijken,
de anderen proberen te raden wat er onder het doek zit. Het kind mag
alleen antwoorden met ‘ja’ of ‘nee’.
Ik heb een
geheim;
Leg enkele voorwerpen onder een doek.
Kinderen voelen en raden wat eronder ligt. Hoe lang kun je geheim
houden wat eronder ligt?
Ik teken een
geheim; Maak een tekening van een geheim. Laat een ander kind
vragen wat er op staat. Je mag alleen met ja of nee antwoorden. Na
een paar vragen mag het kind zeggen dat er waarschijnlijk op staat.
Kijk daarna of het klopt.
Ik zie, ik zie
wat jij niet ziet; Door vragen te stellen, kan geraden worden
wat een van de kinderen in de klas ziet
Kimspel;
Leg in de kring een loep, papier, een kruis (in de vorm van de
letter x), een schepje en een gouden munt neer. Laat de kinderen de
voorwerpen eens goed bekijken en laat hen daarna de ogen sluiten.
Haal daarna een van de voorwerpen uit de kring. De kinderen mogen de
ogen weer openen; wat is er weg?
Opdrachten
voor midden- en bovenbouw
Geheime opdrachten: Doe voor
ieder kind een briefje in een geheim kistje. Op enkele briefjes
staan ‘geheime opdrachten’ waar enkele kinderen drie weken mee aan
de slag gaan. Denk aan opdrachten die te maken hebben met de
kinderboekenweek: organiseer een boekenquiz, bedenk een
klassenverhaal, bedenk een toneelstukje over: de geheime ring, etc.
Organiseer dit eventueel per bouw of groep. Alle
andere briefjes zijn blanco. Niemand mag zijn briefje aan een ander
laten zien. De kinderen met een ‘geheime opdracht’ zijn als het ware
‘geheime agenten’. Pas over drie weken wordt duidelijk wie ‘geheim
agent’ was en om welke ‘geheime opdracht’ het ging.
Knutselopdrachten
Maak een tekening van een geheim. Plak
er daarna van zwart papier de omtrek van een sleutelgat voor, zo
lijkt het net alsof je stiekem door het sleutelgat kijkt. Hier een
mal van een
sleutelgat.
Maak een cadeau voor iemand met een
geheim er in
Maak een kijkdoos, de inhoud is eerst
geheim totdat je door het gat kijkt. Maak dit gat in de vorm van een
sleutelgat
Maak een schatkist en leg er iets heel
moois van jezelf in
Maak een schatkist van een doos. Elk
kind mag daarna iets geheimzinnigs maken om in de schatkist te doen
Dagboek gemaakt van een cup a soup
doosje. Een prachtig slot eraan en het lijkt net echt.
(Idee Franka Bol)
Geheimschrift: maak een tekening op
wit papier met een wit wasco-krijtje. Je geheim wordt zichtbaar als
je je tekening verft met ecoline.
Wat zit er achter het deurtje? Een
geheim. De kinderen hebben hun geheim erachter getekend maar niemand
mag het natuurlijk weten.....
Geheimschrift: schrijf met een dun
kwastje en citroensap een geheime boodschap of geheime tekening. de
boodschap wordt zichtbaar, als je het papier voorzichtig strijkt, of
als je het papier opwarmt bij een gloeilamp. wel voorzichtig doen.
Je kan je tekening met citroensap ook helemaal inkleuren met wasco.
de structuur van het papier is net iets anders geworden door het
citroensap, waardoor de wasco wat dikker op het citroensap blijft
kleven.
Rozen kleuren met wasco en ecoline of
spatten met ecoline. Als je dan lijm over een aantal zwarte
tekenlijnen smeert en daar rode en/of groene glitters op strooit,
krijg je een heel mooi effect (Idee van Laura Brakhuis)
Konijn uit de hoed
Hoeken
De goochelhoek; Leg in deze hoek
allemaal goochelattributen neer en laat de kinderen oefenen met
goocheltrucs. Later kunnen ze in de kring hun goochelkunsten vertonen
maar hier natuurlijk niet over praten want dat is: geheim
Een geheime hut; Zet een grote
tafel in een hoek in de klas en laat de kinderen allerlei kleden
meenemen. Hiermee kunnen ze de hut verder afmaken. Natuurlijk mag de
leerkracht niet in de geheime hut komen.........
Een schattenhoek; Laat de kinderen
mooie dingen meenemen en leg hier een verzameling van aan. Ook mooie
doosjes horen hierbij. Daarna een rekenles, wat past wel en wat niet in
deze doos?
Schathoek; Maak een schathoek met
allerlei spullen die je kunt gebruiken wanneer je een schat gaat zoeken:
een vergrootglas, een schatkaart, een schep, een zaklamp. Laat de
kinderen allerlei schatten maken en in een schatkist stoppen. Laat ze
zelf een schatkaart maken.
Geheime tent; Een tentje in je klas
neer zetten met een groot zwart kleed eroverheen (b.v. een laken). In de
tent is het dan donker. Boeken worden erin gezet. Ook evt. slaapzakken
en kleden. De kinderen kunnen lezen met een zaklamp. Héél geheimzinnig
als je het mij vraagt. Idee van Fenny van Gastel.
Geheime hoek; In een hoek
staat op tafel een grote kartonnen doos met vakjes (van verkoop video’s
bij de super). Hierin heb ik allerlei geheime doosjes gedaan. Hierin
zitten allemaal geheime spulletjes die onze handpop Nikkie heeft
verzameld. Achter een gordijn mogen de kinderen deze geheime spulletjes
bekijken. In de doosjes zitten bijv. een tolletje, kettinkje,
doolhofspelletje met balletje, lavendel, zeepje, plastic insecten,
maiskolf, magneetspelletje, e.d.
Om in de geheime
hoek te komen moeten ze een geheime toegangskaart geven (kaartje met hun
naam waarop ze zelf een geheime code hebben getekend.) Idee van Erna
Visschedijk
Een themahoek:
Over een tafel was een doek gespannen zodat het heel donker was onder de
tafel. Hieronder stond een oude koffer met daarin allemaal verschillende
doosjes met voorwerpen erin. Twee kleuters mochten met een klein
zaklampje onder de tafel de geheimpjes gaan bekijken, maar aan niemand
vertellen wat ze gezien hadden!
Wat moet
er aan de orde komen?
Wat is een geheim?
Wanneer heb je een geheim?
Aan wie zou je een
geheimpje wel willen vertellen?
Zijn geheimen leuk of
niet?
Hoe voelt het om een
geheim te hebben?
Opbouw
van het project
Spel
en beweging
Spel voor buiten met de kinderen:
Verstoppertje spelen
Hutten bouwen in het speellokaal of op het
plein. Wie maakt de mooiste geheime hut?
Idee van Laura Brakhuis:
bij ons op school gaan we de speelzaal omtoveren in een verstopzaal. Er
worden allemaal materialen neergezet waar kinderen zich achter, onder,
in, enz. kunnen verstoppen.
Spelletjes
Ra, ra, ra wie heeft die bal;
ra, ra, ra, wie heeft die bal, die mooie bal van goud
Diamantenroof; Tikspel;
Een van de kinderen zit op een mat met de rug naar de kinderen
toe. Achter het kind liggen verschillende blokjes. Andere
kinderen mogen vanuit een vak, heel zacht naar de mat lopen en
een blokje proberen te pakken. De bewaker mag, als hij iets
hoort, snel opstaan en de dief proberen te tikken. Is de dief
terug in het vak dan mag deze niet meer getikt worden.
Etiketten streng geheim; etiketten 'streng geheim': Elke
kleuter kreeg een luciferdoosje met hierop een etiket met
'streng geheim' op, dit is het afdrukblad om af te drukken op
etiketpapier. Op het doosje plakken en het is een geheimendoosje
dat de kleuters de volgende dag mee terug moesten brengen met
daarin een geheimpje...Leuk om te raden van wie het
geheimendoosje is! Ook leuk is om te laten raden wat er in zit
door middel van vragenstellen.
Kinderboekenweek, de gouden griffel, de gouden
penseel, het geheim, de boeken, de letters, de woorden, de zinnen, de bladzijde,
de volgorde, de schat, de schatkaart, de kluis, de tekens, het geheimschrift,
het cadeau, het slot, de sleutel.
Op de volgende link staat een digitaal prentenboek
over geheimen: De koning met de paardenoren
Deze pagina is mede tot stand gekomen door
bijdragen van: Margriet van Laar, Lieselot Cottyn, Jeannet Heida, Annemieke Kling,
Laura Brakhuis, Marleen Pel, Bea
Niphuis, Margriet Buter, Dieneke Snippe, Erna Visschedijk, Hilda luth,
Dunja de Boer, Gerry, Erna Verbraak, Ingrid v.d. Meulen, juf Anneleen en Franka Bol.