Hier kun je een ontwerpschema downloaden
waarbij de verschillende activiteiten zijn onderverdeeld en er doelen
aan zijn gekoppeld:
ontwerpschema het letterwinkeltje
Doel
Met dit thema wil ik het volgende
bereiken:
Dat de kinderen van groep 2 de
letterkennis vergroten en weten waarom er letters zijn
Dat de kinderen in groep 1
kennismaken met de verschillende letters en weten waarom er letters
zijn
Dat de kinderen plezier ervaren
met letters
Dat de kinderen van groep 1 weten
met welke letter hun naam begint
We maken een letterwandeling met een
fototoestel. Deze wandeling kan binnen en/of buiten plaatsvinden. Zie je
een of meerdere letters? Dan maken we er een foto van. Later hangen we
de foto's op de deur. Waarom staan daar letters?
Aankleding
van de klas
We gaan de klas aankleden met allerlei
letters. Die hangen we op zodat de kinderen steeds letters tegenkomen in
de klas. Je kunt er ook spelletjes mee doen. Bijvoorbeeld: ga staan bij
de letter waarmee je naam begint.
Kijktafel over het letterwinkeltje
Een woordveld
Opening
van het thema
In de klas ligt een brief van
Opa
Brom. Opa is nog op vakantie en vraagt de kinderen of zij zolang een
letterwinkeltje in de klas willen openen. We besluiten daarom Opa een
brief terug te sturen dat we dat wel willen. Maar wat is een
letterwinkeltje? We lezen het boek door tot pagina 5. Dan gaan we in de
klas op zoek naar letters. Waarvoor gebruiken we eigenlijk letters? Zijn
letters alleen binnen of ook buiten? We nemen het fototoestel mee en
gaan buiten op zoek.
Activiteiten
Letterboek
Marlies Moerman mailde het volgende idee:
Met de klas maakte ze een boek over
letters en noemde dit het letterwinkeltje. In het boek stonden per
letter foto's en plaatjes van woorden die met die letter begonnen. Erg
leuk!
Voorwerpen sorteren bij
letters
Elke dag mogen de kinderen bij een
letter voorwerpen van huis meenemen. Ik maak er foto's van en
daarmee maken we een letterboek en een sorteerspelletje: wat
hoort bij welke beginletter?
Knutselopdrachten
Kijk mijn letter; letter uitknippen en versieren en
dezelfde letters eromheen stempelen.
Tekenen: waar zie je buiten overal
letters?
Opa Brom. Maak twee rollen van kranten
en niet die gekruist op elkaar. Laat de kinderen een shirt versieren
met letters uit tijdschriften. Knip er een halsopening in en hang
het over het krantenlijf. Laat de kinderen twee hoofden knippen en
er een versieren. Twee handjes eraan en twee schoenen en tot slot
een bril van chenilledraad en klaar is opa Brom!
Een letterwinkeltje van karton. De
kinderen prikken de ramen en de deur uit en versieren het winkeltje.
Ze plakken dakpanpapier op het dak. Gebruik de uitgeknipte ramen als
zonneluifels. Laat de kinderen op plakplastic letters plakken en
gebruik dit als glas voor de letterwinkel. Maak een vouwlijn naast
de deur en knip het dak een beetje in.
Letter van de naam stempelen, een
grote letter versieren met verschillende technieken en een foto
erbij plakken
Plak de letters k uit tijdschriften
bij de koningin
De kinderen hebben lieve dingen voor
iemand anders op hartjes geschreven. Erg leuk is om te zien dat er
veel fonetische woorden komen te staan als ze zelf gaan schrijven.
Gebruik een leuke clownkleurplaat en laat de kinderen er 7 o's
omheen plakken
Hoeken
Verteltafel: het
letterwinkeltje
Ik heb zelf een letterwinkeltje gemaakt
door twee gelijke stukken triplex te gebruiken en daaromheen vier latjes
geplakt om elke plank. Bij de een heb ik er drie plankjes in geplakt en
de ander heb ik met schoolbordverf beschilderd. Een popje als opa Brom
en allemaal bakjes met letters maken het het helemaal compleet. De
kinderen hebben er met veel plezier gespeeld.
Letterwinkeltje in de klas
Ook in deze letterwinkel is volop
gespeeld. Hier komt de Koningin de letter K kopen.
Schrijfhoek
Letterboekjes maken
Letters van klei
Letterwinkeltje in de bouwhoek
Zelfstandig
werken
Tijdens elk thema moeten de kinderen
een aantal opdrachten verplicht doen. Daarvoor heb ik een speciaal
formulier ontwikkeld waar de materialen staan waarmee gewerkt moet
worden. Telkens als de kinderen met een materiaal hebben gewerkt,
kleuren ze het vakje. Onder de pijl moet aan het eind van het thema
alles zijn gekleurd. De andere hokjes mogen wel gekleurd worden als ze
er nogmaals mee gewerkt hebben.
In het muziekkastje zitten opdrachten voor
de volgende onderdelen van de muzikale vorming: ritmeopdracht,
dansopdracht, luisteropdracht, muziekinstrumenten, liedjes om aan te
leren.
Liedjes om aan te leren: Hierbij gebruik ik de Cd; Het letterwinkeltje dat bij het boek
hoort. De liedjes gaan we beluisteren en meezingen.
Verder leer ik de volgende liedjes aan:
Het grote liedjesboek blz.82; Een doos vol
lettertjes
Het grote liedjesboek blz.84; Een winkel vol
boeken
Het letterwinkeltje (Wijs: zeg ken jij de mosselman)
Zeg ken jij opa Brom,
opa Brom,
opa Brom. Zeg
ken jij
opa Brom,
hij woont in de letterwinkel. Ja,
ik ken
opa Brom,
opa Brom,
opa Brom. Ja,
ik ken
opa Brom,
hij woont in de letterwinkel.
Samen kennen wij
opa Brom,
opa Brom,
opa Brom.
Samen kennen wij
opa Brom,
hij woont in de letterwinkel.
Op dezelfde wijs het
volgende liedje waar je elke letter in kunt vullen:
Zeg ken jij de
letter......, de letter ......., de letter ..........,
Zeg ken jij de letter ......., van..........en ...........
en..............
Ja ik ken de letter
......., de letter ........, de letter ............,
Ja ik ken de letter ......., van..........en ........... en
.............!
Samen kennen wij de letter
........, de letter ............ de letter ...........
Samen kennen wij de letter ......... , van ..............en
................en ................
Voorbeeld:
Zeg ken jij de letter w, de letter w, de letter w
Zeg ken jij de letter w, van woord, en want en winter
(met dank aan Jeanne v.d. Heijden)
Dieneke Snippe veranderde
een regel aan het boekenlied:
Boekenlied
Computer
Hier kun je een word bestand vinden waar de kinderen woorden na
kunnen typen. Daarna kun je het bestand uitprinten. Als je daarna kiest
voor niet opslaan, kan een ander kind de woorden natypen.
Knijpkaarten; Dit
materiaal
werkt als volgt: print de kaarten uit en plak ze beiden op een A4 (één
op de voorkant en één op de achterkant). Lamineer de kaart. Daarna
krijgt de leerling een kaart en
6 verschillende kleuren wasknijpers. De leerling kijkt aan de linkerkant
van de kaart voor de 'vraag' en geeft aan de
rechterkant het antwoord door daar de juiste kleur wasknijper op te
plaatsen. Aan de achterkant kan de leerling zien of de kaart goed
gemaakt is.
In de taalkast zitten voorwerpen waaraan
verschillende taaloefeningen zijn gekoppeld: ko klapper: tellen woorden
in zinnen en woordstukjes, ria rijm:
voor rijmoefeningen, henk hak en piet plak: hakken en plakken, woordrups: begin en
eindletters, pipa papegaai: voor luisterspelletjes: nazeggen
zinnen, lange slang: lange en korte woorden herkennen, voorwerp passend
bij het thema: raadsels, wel of niet goed, etc. vingerpopjes voor het geven van een voorstelling in het
theatertje erboven, grote lade waar het boek van de week uitkomt en waar
bladen in liggen met auditieve oefeningen erop.
De bedoeling is dat tijdens elk thema elke week een la wordt geopend
waarna het figuur dat erin zit een opdracht gaat geven.
Hieronder staat vermeld waar elk figuur voor staat.
Zo krijgen de kinderen elke week een opdracht voor de rest van de week.
Op de site zal ik bij elk project beschrijven welke opdrachten in de
rekenkast komen.