Het thema de ruimte in, ga ik met de klas
doen omdat er veel kinderen inzitten die uitdaging nodig hebben. Verder
geeft het thema de mogelijkheid om ook de fantasie van de kinderen te
prikkelen. Dat zal met name de jongere kinderen in de klas aanspreken.
Ontwerpschema
Hier kun je een groepsplan/ontwerpschema downloaden. Alle
activiteiten zijn onderverdeeld en in de lege vakken kun je namen van
kinderen schrijven die op een bepaald vakgebied extra begeleiding nodig
hebben:
ontwerpschema/groepsplan: de ruimte in
Doel
Door middel van dit thema wil ik de
kinderen het volgende leren:
Er is meer dan de aarde waar wij
op wonen
Hoe leven astronauten in een raket
en een ruimteschip
Met een raket kun je de ruimte in,
wat is daar te zien
Boeken
Speelgoed
bij het thema
Onderzoek/uitstapjes
We hebben bedacht wat we allemaal nog willen
weten! Dat wordt nog een hele klus om dat duidelijk uit te leggen.......
Aankleding
van de klas
De kijktafel
Opening
van het thema
Er landt een vliegende schotel in
de zandbak. Er is niemand te zien....... wie heeft er in gezeten?
Er zitten ruimtewezens in die alleen
maar blieb-blieb zeggen. (Te bestellen bij
www.handpopshop.nl )
Er zijn precies vier ruimtewezens, voor
elke klas een. We ontdekken dat het ruimteschip kapot is. Het
ruimtewezen wil graag dat we helpen om het te maken...... We verzamelen
allemaal kleine, huishoudelijke apparaten en slopen deze. De onderdelen
bewaren we en sorteren we. Dit zetten we bij het ruimteschip neer.
Zouden de ruimtewezens het kunnen repareren?
Woordveld over de ruimte
Knutselopdrachten
Vliegende schotel van papieren bordjes met een doorzichtig
toetjesbakje erop. Een ruimtewezentje erin gemaakt van een kraal en
chenilledraad.
Met pootjes van garenklosjes en een ruimtewezen van klei erin
Het kan ook van karton (juf Elsie de
Greef)
Vliegende schotels van twee bordjes
die de kinderen hebben geverfd. Ze hebben er een cirkel uit geprikt
waarna er een deksel van een toetjesbeker in geplakt kan worden.
Daarna tekenden de kinderen een ruimtewezen die door het raam kijkt.
Sterren vouwen; 16 vierkantjes. Dan
aan de zijkanten in het midden een blokje inknippen, de hoeken
omvouwen en dichtplakken
Naar aanleiding van een gesprek over
Saturnus waar orkanen zijn, hebben we de bovenkant van de orkanen
getekend met wasco en de ringen gemaakt van wasco (groep 1
motoriekopdracht)
Saturnus en andere planeten van wasco
en zwarte ecoline (juf Sas)
Raketten van een pringgles bus die is
beschilderd. Een toetjesbekertje als neus en een foto van het kind
alsof deze een astronaut is die door het raam kijkt.
Planeten (juf Inge Kieneker)
Raketten op een achtergrond van wasco
en ecoline
Astronautenhelm
Aarde; bal met papier-maché eromheen.
Saturnus
Dag en nacht/zon en maan
Hoeken
Ruimtehoek met een raket van dozen
Donkere hoek; donker gemaakt door
landbouwplastic of gordijnen, glow in de dark-sterren, zaklantaarns
Spel memorie
Zandtafel; maanlandschap maken
Speelgoed raketten
Constructiemateriaal; raketten
maken
Raket bouwen met de Kapla
Mozaiek
Rekenhoek; tellen tot 10
Wat moet
er aan de orde komen?
Wat is de ruimte?
Wat weten we al en wat willen we
nog weten?
Sterren
Dag en nacht/donker en licht
Planeten
Aarde
Zon en maan
Raketten en astronauten
Spel
en beweging
Gym; de kruiptunnel om donker
te ervaren en van het ene ruimteschip in het andere te komen
Klimmen in de klimtoren, dat
is de raket
Zwaartekracht ervaren op de
trampoline of de springkast; je komt altijd weer beneden
Aftellen van 10 - 0 en dan
raketten weggooien; welke komt het verst? welke dichtbij?
Gymles met hoepels:
Planetenspel: Leg de hoepels in het
speellokaal neer. Dat zijn de verschillende planeten. In het midden ligt
een grote gele, ronde planeet, dat is de zon. De kinderen zijn raketten
en bewegen zich door het speellokaal heen. Noem dan de naam van een
planeet. Diegene die daar het eerst is, heeft gewonnen.
Daarna krijgt elk kind een eigen
hoepel/planeet. Daar doen we de volgende oefeningen:
Ga op de planeet staan
Ga achter de planeet staan
Spring over je planeet heen
Ga links/rechts van de planeet
staan
Ga wijdbeens op de planeet staan
Afsluitspel: rollen met je planeet
Planeten draaien om hun eigen as. Dat
gaan wij ook doen. Hou je hoepel maar op zijn kant en laat het rollen.
Zo gaan we allemaal om de zon heen.
Spelles:
Astronautentikkertje/Marsmantikkertje;
Leg verschillende hoepels neer in het speellokaal; dat zijn
planeten. Wie op een planeet staat, mag niet getikt worden.
De tikker is een astronaut die probeert om marsmannetjes te
tikken.
Planeetje wisselen; spring
van de ene hoepel/planeet op de andere. Probeer niet van de
planeten af te komen want dan ben je af.
Maansteentje leggen; Op de
wijs van zakdoekje leggen spelen we nu: maansteentje leggen
In het muziekkastje zitten opdrachten voor
de volgende onderdelen van de muzikale vorming: ritmeopdracht,
dansopdracht, luisteropdracht, muziekinstrumenten, liedjes om aan te
leren.
Op de wijs
van: Helikopter:
Astronautje, astronautje mag ik met je mee omhoog
Hoog in de ruimte wil ik wezen, hoog in de ruimte wil ik zijn
Astronautje, astronautje, vliegen is pas fijn!
Wie woont er op de gele maan?
Een koning met een zwarte zwaan?
Een monstertje met rode hoed?
Een draakje met een gekke snoet?
Een wobbel - wabbel - wiebelspook?
Ik weet het wel! Weet jij het ook?
Op de wip
Zon en maan
zitten net
op de wip.
Als de zon
moet slapen gaan
zit de maan
weer bovenaan.
(Riet Wille)
Op de wijs van de wielen van
de bus:
De planeten
draaien om de zon,
om de zon, om de zon.
De planeten draaien om de zon
en wij kennen er negen.
Mercurius, Venus,
Aarde, Mars,
Jupiter, Saturnus,
Uranus, Neptunus en Pluto ook
en dat zijn alle negen
Op de Aarde wonen
wij,
wonen wij, wonen wij.
Op de Aarde wonen wij
en kijken naar de maan.
Onze Maan is
grijs en koud,
grijs en koud, grijs en koud.
Onze Maan is grijs en koud
en zit ook vol met kraters
Ik
droomde in bed
van een raket
hij stond op het balkon.
Ze
riepen me:"Hee!
Stap in, je mag mee!"
Het aftellen begon:
10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0
We
stegen op...
met heel veel gebrul.
Verder staat er in
Kleuterwijs:
31; Hoog is de lucht
Computer
Hier kun je een word bestand vinden waar de kinderen woorden na
kunnen typen. Daarna kun je het bestand uitprinten. Als je daarna kiest
voor niet opslaan, kan een ander kind de woorden natypen.
Knijpkaarten; Dit
materiaal
werkt als volgt: print de kaarten uit en plak ze beiden op een A4 (één
op de voorkant en één op de achterkant). Lamineer de kaart. Daarna
krijgt de leerling een kaart en
6 verschillende kleuren wasknijpers. De leerling kijkt aan de linkerkant
van de kaart voor de 'vraag' en geeft aan de
rechterkant het antwoord door daar de juiste kleur wasknijper op te
plaatsen. Aan de achterkant kan de leerling zien of de kaart goed
gemaakt is.
In de taalkast zitten voorwerpen waaraan
verschillende taaloefeningen zijn gekoppeld: Ko Klapper: tellen woorden
in zinnen en woordstukjes, Ria Rijm:
voor rijmoefeningen, Henk Hak en Piet Plak: hakken en plakken, woordrups: begin en
eindletters, Pipa Papegaai: voor luisterspelletjes: nazeggen
zinnen, Lange Slang: lange en korte woorden herkennen, voorwerp passend
bij het thema: raadsels, wel of niet goed, etc., vingerpopjes voor het geven van een voorstelling in het
theatertje erboven, grote lade waar het boek van de week uitkomt en waar
een map in ligt met daarin bladen met de auditieve oefeningen erop.
Taalactiviteiten:
Bij een vallende
ster mag je een wens doen; wat zou jij wensen?
Opschrijven en op een ster plakken, hang deze
sterren op in de klas.
Ik ga naar de maan
en ik neem mee ..................iedereen mag een
voorwerp noemen. De volgende herhaalt het voorwerp
en doet er zelf een voorwerp bij, de volgende
herheelt de twee eerder genoemde voorwerpen en doet
er zelf een voorwerp bij, enz.
Met welke letter
begint het?
Leg 3 hoepels in de kring: in elke hoepel ligt een
letter en de naam van een planeet welke met deze
letter begint. Bijvoorbeeld in één hoepel de letter
s en Saturnus, de m en Maan en de v met Venus. De
kinderen bedenken woorden die met één van deze
letters beginnen, de leerkracht schrijft het woord
op en een astronaut mag het woord naar de juiste
planeet brengen. Je kunt de letters en namen van de
planeten wisselen (n - Neptunus, p- Pluto etc)
Astronauten race: lettergrepen
De klas wordt in twee groepen verdeeld. Iedere groep
moet naar de maan. Het is net als mens erger je
niet. De pion is een lego-astronaut maar een gewone
pion kan natuurlijk ook. Er is een lange weg af te
leggen naar de maan (rondjes waar de pion/astronaut
op mag gaan staan). De pion/astronaut mag zoveel
rondjes vooruit als er lettergrepen in het woord
zijn. De woordkaartjes van "de ruimte" liggen zo in
de kring dat je de afbeeldingen niet ziet. Eén kind
van de groep mag een kaartje trekken en het woord
verdelen in lettergrepen. De pion mag nu zoveel
vooruit als er lettergrepen zijn. Dan is de andere
groep aan de beurt. Welke groep heeft het eerst zijn
pion/astronaut op de maan?
Verschil tussen s en z:
Ik verdeel de kring in twee grote vlakken door
middel van afplaktape. In het ene deel ligt de
letter S van Saturnus en in het andere deel de Z van
Zon. Alle kinderen doen tegelijkertijd mee. Ik zeg
een woord dat met de s of z begint en de kinderen
gaan in het goede hok staan. De kinderen worden zich
bewust van het verschil tussen deze twee klanken.
Ook laten ervaren door de klank duidelijk uit te
spreken en te laten voelen (s voorin mond, z voel je
ook in je keel). Het verschil tussen de m
(Maan/Mars)en n (Neptunus) kan je zo ook aanbieden.
Het leuke is dat alle kinderen actief mee kunnen
doen aan deze activiteit.
Elke week wordt tijdens het thema een la wordt geopend
waarna het figuur dat erin zit een opdracht gaat geven. De figuren
zijn: Elmer voor de kleuren, Barbapappa voor de vormen. Levi het
Lieveheersbeestje voor het tellen, Grote en kleine Kangoeroe voor de
begrippen, Wouter de verzamelkabouter voor ordenen en verzamelingen
maken, Sam de Schildpad voor opdrachten rondom de tijd, Frits Fotoflits
voor opdrachten op het gebied van ruimtelijke oriëntatie en Bob de
Bouwer voor opdrachten rondom meten en wegen.
Elke week worden er een of twee lades geopend en wordt de opdracht
klassikaal aangeboden. Daarna krijgt de opdracht een vervolg in de
kleine kring en/of de rekenhoek.
Rekenactiviteiten:
Terugtellen van 10 - 0; een raket vliegt weg
en dan wordt er afgeteld. Probeer dit met
raketten die door de kinderen zijn gemaakt.
Tel af van 10 - 0 en gooi de raketten zo ver
mogelijk weg. Welke komt het verst?
Begrippen:
Zon en maan, dag en
nacht, donker en licht
Raketten vliegen
omhoog en naar beneden
Zwaartekracht;
uitproberen; alles komt weer terug op de grond
Sorteren op gebruik
Sorteren op groepjes van drie
Allemaal gesloopte onderdelen
voor de vliegende schotel.
Wouter de Verzamelkabouter verzamelt sterren in alle soorten en
maten
Kralenplanken
Afsluiting
van het thema
Bedankt
Deze pagina werd mede mogelijk door
bijdragen van: Margriet van Laar, Ina Schild, Aline Claeys, Karin de
Ruyter, Inge Kieneker, Sas Hamelink, Elsie de Greef, Elze van Dongen,
Sarah Eykens, Marije Bouma, Hilda Luth en Minke Bosma.