Het thema 112 is een heel leuk thema met
veel mogelijkheden voor spel. Je kunt het thema in het geheel doen maar
ook als een apart item: politie of brandweer. Op deze pagina kun je
genoeg ideeën vinden.
Het is belangrijk dat
kinderen weten wat er moet gebeuren in geval van nood
Ik wil een aantal
kinderen beter betrekken bij het spel in de hoeken
Ik wil de kinderen
begrippen leren die te maken hebben met: politie, brandweer en
ambulance. Temeer omdat veel kinderen in deze beroepen hun toekomstig
beroep zien.
Boeken bij het
project
Brandweer
Politie
Ziekenhuis/ambulance
Speelgoed
te bestellen bij het thema
Opening van het
project
Schatkist openen:
Woordveld maken:
Opening met behulp
van schatkist waarin zit:
Cijfers 1 – 1 – 2
Politieauto –
brandweerauto – ambulance
Telefoon
Zwaailicht blauw
Kaarten van de
hoeken
Boek
Verkenning van het
onderwerp en maken van een woordveld
Onderzoeksactiviteiten
Nodig op school de brandweer, een ambulance en een
agent uit. Ook kun je een bezoekje brengen aan een kazerne, bureau of
ziekenhuis.
Wij hebben in de klas de wijkagent uitgenodigd:
Hij liet alles zien en we mochten in de politieauto kijken
Een van de vaders werkt bij de brandweer en kwam de brandweerauto laten
zien
Een kijkje in een echte ambulance
Voorstellingen
Tijdens het brandweerproject geven we als leerkrachten elke week een
korte voorstelling om de kinderen te laten zien hoe ze het spel kunnen
spelen, wat ze kunnen doen en wat de brandweer allemaal doet.
Verhaal 1; Er zit een poesje in de boom die er
niet meer uit durft. De brandweer wordt gebeld. De meldkamer geeft
een bericht aan de brandweer en die komt er snel aan. Vervolgens
komen de brandweermannen met de suggesties om de poes met de
brandweerslang uit de boom te spuiten of de boom om te hakken maar
dat vindt de eigenaar niet zo'n goed idee, Daarna komt een van de
kinderen met de tip een ladder te gebruiken en nu lukt het
inderdaad!
Verhaal 2; Een meisje is aan het vliegeren en
dan zit de vlieger klem in het wandrek. Het meisje klimt omhoog en
durft er dan niet meer uit. De brandweer komt haar redden: eerst met
een hele kleine trap, die is te laag, dan een wat grotere, maar deze
is nog te laag en tot slot met een trap waarmee het meisje uit het
rek gehaald kan worden.
Verhaal 3; Er is brand in een huis. De
brandweer wordt gebeld en komt eraan. Ze rollen de slag uit maar
deze is niet lang genoeg. De volgende slag is wel langer meer weer
niet lang genoeg, de derde slag is lang genoeg.
Verhaal 4; Er ligt een boom op de weg. Een
automobilist kan er niet meer langs en is luid aan het toeteren en
foeteren. Gelukkig komt de brandweer en probeert de boom weg te
krijgen; door er een ladder tegenaan te zetten en erop te gaan
springen, door te trekken met de handen, door met de spuit de boom
weg te blazen en tot slot door de boom in stukken te zagen.
Knutselopdrachten
Politie
Verkeerslichten die weer bij het spel gebruikt kunnen worden
Politiestopborden
Politiepetten voor mannen van karton
Politiepetten voor een vrouw (gemaakt van papier-maché om een
schaaltje)
Politieagenten van een sok met een wasbolletje erop
Politiehelikopters van een boterbakje beplakt met wit papier
Een boevenwagen
Een agent ingekleurd en vingerafdrukken ernaast
Een holster van restjes leer waarin gaatjes met een perforator
gemaakt zijn.
Hierdoorheen is chenilledraad geregen. Voor de riem hebben kinderen
een oude
riem van huis meegenomen. Een wc rolletje doet dienst als
pepperspray.
Handboeien gemaakt van pringles kokers. Deze zijn
zilver gespoten en de kinderen hebben er kralen tussen geregen.
Voetstappen en handafdrukken: knippen en handen met verf insmeren en
afdrukken
In de gevangenis.....
Een bonnenboekje waarin de bekeuringen geschreven kunnen worden
Gipsafdrukken van voetstappen. Laat de kinderen hun voetafdruk in
zand zetten, giet hier gips in en even laten drogen. Zo krijg je
gipsafdrukken van hun eigen voetstap. Deze kun je met ecoline laten
kleuren.
Brandweer
Rode dingen uitknippen en opplakken
Tekenen met zwarte stift een huis en met ecoline de vlammen
Brandweermannen vouwen
Brandweerauto van karton. Deze auto's heb ik opgehangen in de klas
aan het plafond.
De kinderen hebben ladders geplakt en een brandweerman ingekleurd.
De brandweermannen zijn met een draadje voor en achterlangs de
ladder bevestigd waardoor de brandweerman daadwerkelijk naar boven
en naar beneden kan klimmen.
De kinderen hebben de vorm van het lijf geknipt, twee stroken voor
de armen en twee voor de beneb geknipt en daarna versierd met
zilveren stroken. Handen en laarzen eraan en een foto in de helm en
klaar is de brandweerman.
Brandweerauto's vouwen en een ladder plakken
Brandweerauto's van eierdozen met een ladder van ijsstokjes erop en
zwaailichten van doppen
Brandweerauto van een doos met een ladder van een keukenrol waarin
weer een kleinere is geschoven zodat je de ladder echt uit kan
schuiven.
Een bijl voor de brandweerman
Ambulance
Wat moet allemaal aan de orde komen?
Week 1
Verkenning van het
thema 112
Week 2
Brandweer
Week 3
Politie
Week 4
Ambulance
Week 5
112, meldkamer,
oppassen!
Hoeken
Brandweer
De
brandweerwagen in de hal
In de bouwhoek werden prachtige kazernes gebouwd waarbij de
auto's ook gesorteerd werden
Uitspelen Snuffie en de brand
Meldkamer
Ambulance
De ambulance in de klas
Politie
Het politiebureau in de klas.
Verteltafel Piet Polies
De juwelier
Door het toevoegen van de juwelier kon er echt een politiespel
uitgespeeld worden door de dief op te sporen en aan te houden
De meldkamer
Hierop konden de kinderen aantekenen wat er
moest gebeuren
Het politiebureau
Een gevangenis van een poppenkast gemaakt
Een politieauto gemaakt van een doos
Meldkamer
De meldkamer met zelfgemaakte
computers, een plattegrond, briefjes om aan te geven waar een calamiteit
is.
Spel en beweging:
Brandweerbewegingsles
Nodig: de grote klimtoren met aan de zijkant een
ladder en aan de andere kant een glijbaan
Hierbij kan
een brandweerdiploma gehaald kan
worden. De kinderen doen vijf verschillende opdrachten:
Springen/stappen
door de ladder
Klimmen in de
klimtoren, een pop pakken en naar beneden klimmen met de pop
Brand blussen met
een deken; met een deken een route langsgaan (hindernisbaan) en aan
het eind de deken over de brand gooien
Snel omkleden in
een brandweerpak
Redden van een
huisdier
Afsluiting:
Twee emmertjes water halen
Brandweerdiploma
Politiebewegingsleswaarbij een
politiediploma gehaald kan worden
De kinderen doen vijf verschillende
opdrachten:
Tikspel; boefje
vangen (tikkertje)
Paard rijden
(stokpaarden) over en langs een hindernisbaan – politie te paard
Behendigheid;
ladder op, ballonnen aantikken en weer naar beneden
Schieten op
ballonnen
Ra, ra, ra wie
heeft het geld….dat mooie geld van goud…….kringspel
Afsluiting:
Reactiespel; als het bord omhooggehouden
wordt, stil gaan staan. Wie beweegt is af.
Politiediploma
Brandweerdiploma
Politiediploma
Muziek
In het muziekkastje zitten opdrachten voor
de volgende onderdelen van de muzikale vorming: ritmeopdracht,
dansopdracht, luisteropdracht, muziekinstrumenten, liedjes om aan te
leren.
Moet je nu eens horen:
de allerhoogste toren,
de hoogste toren van het land.
staat in brand, brand, brand.
Doe een sprong naar achteren,
doe een sprong naar opzij,
want de brandweerwagen moet voorbij!
De brandweerman
Tatu, tatu, waar is de brand?
Tatu, tatu, snel aan de kant!
Hier komt Bram de brandweerman
die alle branden blussen kan.
Met zijn grote waterspuit
maakt hij alle vlammen uit,
redt hij mensen van het dak
in zijn mooie brandweerpak!
Tatu, tatu, tatoe,
tatu, tatu, tatoe!
(Mieke van Hooft)
Vlam in de pan
Tuut, tuut
daar komt de brandweer an
ga vlug opzij
de brandweer moet erbij
De brandweer spat
de brandweer spuit
alles nat
het vuur is uit
Huis in de fik
Tuut, tuut
wat is me dat een schrik
gauw aan de kant
Gevaarlijk is zo'n brand
Oei, wat een brand
Tuut, tuut
een foto in de krant
brand is voorbij
De brandweer lacht naar mij!
Ten little fireman
Sleeping in a row
Ding, ding, goes the bell
In a wink they go
Off, to the engine, ho-ho-ho
Using the big pipe, so-so-so
When the fire is out
Home they go
Back to the bed
All in a row
Hier kun je een word bestand vinden waar de kinderen woorden na
kunnen typen. Daarna kun je het bestand uitprinten. Als je daarna kiest
voor niet opslaan, kan een ander kind de woorden natypen.
Knijpkaarten; Dit
materiaal
werkt als volgt: print de kaarten uit en plak ze beiden op een A4 (één
op de voorkant en één op de achterkant). Lamineer de kaart. Daarna
krijgt de leerling een kaart en
6 verschillende kleuren wasknijpers. De leerling kijkt aan de linkerkant
van de kaart voor de 'vraag' en geeft aan de
rechterkant het antwoord door daar de juiste kleur wasknijper op te
plaatsen. Aan de achterkant kan de leerling zien of de kaart goed
gemaakt is.
Verzamel alle opdrachten in een werkboekje. Plak op de voorkant een
foto van het kind op een ladder in een brandweertenue of als
politieagent verkleed.
Liesbet Slegers heeft een leuk boek geschreven over
de brandweerman. Het boek geeft op een begrijpelijke manier weer, wat er
allemaal gebeurt als er een alarmsignaal binnenkomt bij de meldkamer. Ze
gebruikt daarbij de woorden op een manier dat de woordenschat van de
kinderen zeker verrijkt wordt. Het begint bij een melding, wat doet een
brandweerman allemaal aan en waarom, wat is er allemaal nodig om de
brand te blussen, hoe komen de brandweermannen zo snel mogelijk bij de
brandweerauto, het aansluiten van de brandslang op de pomp, de taak van
de commandant en het blussen. Gelukkig staat het huis er nog. Maar de
brandweer heeft nog meer taken waaronder het weghalen van omgewaaide
bomen. De tekeningen zijn erg duidelijk en vullen het verhaal goed aan.
Dit boek is de moeite waard om te gebruiken als introductie bij het
thema de brandweer. De kinderen zijn dan meteen goed op de hoogte! De
informatie die wordt aangeboden is door ervaringsdeskundigen gecheckt.
In de taalkast zitten voorwerpen waaraan
verschillende taaloefeningen zijn gekoppeld: Ko Klapper: tellen woorden
in zinnen en woordstukjes, Ria Rijm:
voor rijmoefeningen, Henk Hak en Piet Plak: hakken en plakken, woordrups: begin en
eindletters, Pipa Papegaai: voor luisterspelletjes: nazeggen
zinnen, Lange Slang: lange en korte woorden herkennen, voorwerp passend
bij het thema: raadsels, wel of niet goed, etc., vingerpopjes voor het geven van een voorstelling in het
theatertje erboven, grote lade waar het boek van de week uitkomt en waar
een map in ligt met daarin bladen met de auditieve oefeningen erop.
Gesprek over vuur:
Wat doe je met vuur? Iets aansteken: kaars, sigaret, gasvlam. Wat is
vuur? Vlammen en rook. Welke kleur hebben de vlammen? Wanneer is het
prettig om vuur te hebben? Wanneer is het niet fijn als er vuur is?
Doel: Vuur kan prettig, warm en gezellig zijn maar ook gevaarlijk en
bedreigend.
Rekenen/wiskunde
Elke week wordt tijdens het thema een la wordt geopend
waarna het figuur dat erin zit een opdracht gaat geven. De figuren
zijn: Elmer voor de kleuren, Barbapappa voor de vormen. Levi het
Lieveheersbeestje voor het tellen, Grote en kleine Kangoeroe voor de
begrippen, Wouter de verzamelkabouter voor ordenen en verzamelingen
maken, Sam de Schildpad voor opdrachten rondom de tijd, Frits Fotoflits
voor opdrachten op het gebied van ruimtelijke oriëntatie en Bob de
Bouwer voor opdrachten rondom meten en wegen.
Elke week worden er een of twee lades geopend en wordt de opdracht
klassikaal aangeboden. Daarna krijgt de opdracht een vervolg in de
kleine kring en/of de rekenhoek.
Wouter de Kabouter heeft allemaal rode voorwerpen verzameld. Nu gaan we
dit sorteren. Dat valt niet mee maar we komen er uit: ronde voorwerpen
bij elkaar, speelgoed bij elkaar, alles van hout bij elkaar, etc.